Letterlijke tekst persconferentie informateur Hamer op 2 september 2021

Letterlijke tekst van de persconferentie van informateur Hamer waarin zij een toelichting geeft op haar eindverslag.

Inleidende verklaring informateur Hamer

Zoals u weet en gelezen heeft heb ik zojuist mijn eindverslag aan de voorzitter van de Tweede Kamer aangeboden. En bij dit verslag is ook het document op hoofdlijnen meegestuurd die door VVD en D66 zijn opgesteld en ook in onderdelen daarvan besproken met andere partijen. En met dat verslag rond ik mijn werkzaamheden af als informateur. Op 22 juni bood ik al een verslag aan over de eerste fase van mijn werkzaamheden en nu bied ik dan het verslag aan over de periode vanaf 24 juni. Zoals u weet is door de partijen die mij gevraagd hebben als informateur steeds gekozen voor de leidraad ‘de inhoud voorop’. En dat lag ook in lijn met de gedeelde wens uit de Tweede Kamer als ook met het advies van mijn voorganger Herman Tjeenk Willink om eerst een probleemanalyse en doelen te formuleren en dan naar de oplossingen te zoeken? En zo hebben we het ook gedaan. De eerste fase ging over die analyse en in die tweede fase is met partijen naar oplossingen gezocht. Maar ook bij dit eindverslag geldt dat ik bij de afronding van de vorige fase ook zei: het inhoudelijke deel ging heel wat gemakkelijker dan het politieke. Op de hoofdlijnen van de inhoud is er zelfs brede overeenstemming in het midden van de Nederlandse politiek. Op basis van die inhoud zijn er voldoende aanknopingspunten om onderhandelingen te starten voor een meerderheidscoalitie die uit het brede midden komt. Echter, de zes partijen uit dit midden werpen bezwaren en blokkades op van een andere aard dan inhoud. Of stellen voorwaarden die onverenigbaar zijn om tot een coalitie met elkaar te komen. Ik moet daarom helaas concluderen dat er op dit moment geen onderhandelingen voor een meerderheidscoalitie kunnen beginnen. Ik zal u zometeen verder toelichten hoe ik tot deze conclusie ben gekomen en welke aanbeveling ik daaruit zal doen. Voordat ik daar toe kom wil ik eerst kort uiteenzetten wat er sinds 22 juni is gebeurd. 

De basis voor de werkzaamheden was de opdracht van de Kamer van 22 juni. En die luidde om de fractievoorzitters van de VVD en Democraten ’66 uiterlijk binnen enkele weken een document op hoofdlijnen te laten schrijven zodat half augustus coalitieonderhandelingen met partijen kunnen worden gevoerd gericht op het vormen van een meerderheidscoalitie. Mijn rol daarbij als informateur op verzoek van deze partijen was hierbij het begeleiden van dit proces. De partijen moesten, zoals ik ook in de persconferentie op 22 juni hier heb gezegd in deze zaal, nu zelf het voortouw nemen. Dat is overigens ook de reden dat ik zelf in deze fase zoveel mogelijk buiten beeld ben gebleven. Omdat het uitgangspunt was dat deze twee partijen voortouw zouden nemen en partijen andere partijen zouden kunnen laten aansluiten voor de start van de coalitieonderhandelingen. Zoals in mijn vorige eindverslag ook stond ging het daarbij om het CDA, de Partij van de Arbeid, GroenLinks en de ChristenUnie. In de periode van 24 juni tot 16 augustus hebben VVD en D66 gewerkt aan het document op hoofdlijnen wat u thans bij de stukken aantreft. Ik heb in die weken uiteraard heel regelmatig contact gehad met de  twee fractievoorzitters, Mark Rutte en Sigrid Kaag, hen gezamenlijk ontvangen al dan niet samen met hun secondanten Sophie Hermans en Rob Jetten. Ook heb ik meerdere keren gesproken met de vertegenwoordiging van de VVD en D66-fractie in aanwezigheid van hun beleidsondersteuning. Bij het opstellen van het document op hoofdlijnen waren mijn eindverslag van 22 juni en de daarin genomen zeven transities en de agenda voor de democratische rechtsorde het uitgangspunt. Uiteraard heb ik in die periode ook mede op verzoek van de andere fractievoorzitters contact onderhouden met CDA, PvdA, GroenLinks en ChristenUnie en hun ook regelmatig bijgepraat over de voortgang van dit proces. Op 16 augustus zijn de fractievoorzitters van VVD en D66 tot de conclusie gekomen dat het document op hoofdlijnen voldoende gereed was om te gesprekken met de overige vier partijen hierover te voeren. Daarbij werd wel gesteld dat het document op hoofdlijnen, het is belangrijk om dat te zeggen, niet volledig was afgerond en dat de gesprekken met andere partijen tot wijzigingen konden leiden. Vanaf 17 augustus heb ik samen met Mark Rutte, Sigrid Kaag en hun secondanten de andere vier partijen uitgenodigd. VVD en D66 gaven daarbij een toelichting op hun gezamenlijke stuk via een samenvatting getiteld ‘de bouwstenen’. Ook dat treft u aan bij de stukken. En informeren naar de reactie bij de andere partijen. En in de volgende gesprekken is verder stilgestaan bij de inhoud van deze bouwstenen en bij de vraag wie met wie van deze vier partijen coalitieonderhandelingen konden voeren. De reacties van de vier andere partijen op de inhoud van het stuk van VVD en D66 heeft u volgens mij al grotendeels kunnen vernemen via de media. In mijn eindverslag kunt u de verdere reacties teruglezen, hebben we vrij precies proberen te beschrijven. Hoofdlijn is dat de inhoud van het stuk door de vier andere partijen in ieder geval op onderdelen constructief werd ontvangen. Inhoudelijk leken er weinig onoverkomelijke belemmeringen die een start van de onderhandelingen over een meerderheidscoalitie in de weg zouden staan. Het gaat echter in de formatie nooit alleen over de inhoud. En dan kom ik te spreken over mijn bevindingen over de politieke posities van partijen. 

Tijdens de gesprekken over de inhoudelijke bouwstenen bleek dat de wie-met-wie-vraag steeds nadrukkelijker weer ging opspelen en kwamen meerderheidsvarianten in het gedrang door politieke bezwaren. Deze bezwaren zijn niet simpel terug te voeren op een enkel argument of beletsel dat kan worden weggenomen. Het gaat ook niet om een enkele partij maar over vrijwel alle fracties die deelnamen aan het overleg. Het gaat om een complex aan politieke overwegingen die spelen rondom de positionering van partijen tegenover elkaar, de beeldvorming daarover, het ingeschatte risico dat de eigen visie en inhoud teveel ondergesneeuwd raakt. En ook over de haalbaarheid in de fractie en de partij en de visies op stabiliteit van sommige meerderheidsvarianten. En dat complex aan geheel, ik noem dus niet één punt, heel bewust, dat complex aan het geheel maakt de puzzel steeds moeilijker. En in meerdere gesprekken hebben we diverse meerderheidsvarianten besproken en geprobeerd nader tot elkaar te komen. Daarbij is het natuurlijk heel veel gegaan, dat zal u niet verbazen, over de variant met de PvdA en GroenLinks of een samenwerkingsverband tussen hun beide. Dat was ook logisch. Want dat is de variant met de meeste zetels en eigenlijk de enige variant met ook een meerderheid in de eerste Kamer. En naast de vraag over stabiliteit, inhoud en samenstelling, bood deze variant aan de andere kant ook de rust van een forse meerderheid in beide Kamers. Dus het was logisch om het daarover te hebben. De andere veel besproken variant, die van het huidige kabinet, was ook logisch om veel te bespreken omdat het kabinet zijn meerderheid had behouden, men gewend is aan samenwerking met elkaar en eigenlijk de huidige beleidslijn daarmee doorgezet had kunnen worden. Overigens waren vele andere varianten al in de eerste fase, u kunt dat in het verslag van juni lezen, afgestreept. Ondanks dat eerder ingenomen politieke blokkades en voorwaardes gehandhaafd bleven werd er toch uiteindelijk door de initiatiefnemers van deze formatiefase steeds ruimte geboden om over deze varianten door te praten. En pas na het afgelopen weekend van 28 en 29 augustus was mijn conclusie dat er nauwelijks meer beweging te constateren was in de ingenomen posities. Daarom was langer wachten niet een mogelijkheid om tot verdere oplossingen te komen en werd een volgende fase in de formatie echt noodzakelijk. Daarom heb ik partijen op dinsdag 31 augustus uitgenodigd om onder mijn begeleiding hun posities helder en duidelijk tegenover elkaar uit te spreken. Uiteindelijk is formeren ook elimineren. Het risico daarvan is verslechtende onderlinge verhoudingen. En ik zal in mijn aanbevelingen voor de toekomst daar ook iets over zeggen. De gesprekken op dinsdag hebben dan uiteindelijk geleid tot de bevindingen die ik in mijn eindverslag vandaag vast gelegd en die de basis vormen voor mijn conclusie en aanbevelingen. U kunt deze bevindingen over de politieke posities en stellingnames van partijen precies teruglezen in het verslag. En ik heb zomaar het idee dat ze u niet onbekend zullen voorkomen. 

Dat brengt mij tot de conclusie en de aanbevelingen. Gegeven het voorgaande adviseer ik om een informateur van VVD-huize, de grootste partij, aan te wijzen die met inachtneming van mijn verslag coalitieonderhandelingen gaat begeleiden waarbij het op dit moment voor de hand ligt deze te richten op het vormen van een minderheidscoalitie uit een nader te bepalen combinatie van VVD, D66 en CDA waarbij deze minderheidscoalitie een constructieve en vruchtbare samenwerking moet zoeken met de Staten-Generaal. Een minderheidscoalitie heeft immers per definitie de steun nodig van andere partijen om tot een meerderheid in de Kamer te komen. Daarbij ligt in ieder geval de samenwerking met de andere drie partijen uit het brede midden, PvdA, GroenLinks en ChristenUnie, voor de hand omdat deze zes partijen uit het brede midden de afgelopen decennia altijd met elkaar hebben geregeerd dan wel samen hebben gewerkt in akkoorden. Denk aan het Lente-akkoord, Klimaatakkoord en Pensioenakkoord. Maar ook andere partijen zullen optimaal op onderwerpen en vanuit de inhoud betrokken moeten worden. Omdat het niet mogelijk is gebleken om onderhandelingen te starten voor een meerderheidscoalitie is het dus belangrijk dat er nu gekeken gaat worden naar een minderheidscoalitie. Vanuit de wens van de Tweede Kamer voor een open bestuurscultuur met meer ruimte voor dualisme ligt het voor de hand dat de onderhandelingen gericht op een minderheidscoalitie zich richten op een regeerakkoord op hoofdlijnen. 

Tot slot, deze formatie is na de aanvankelijke politieke ontploffing zoals ik ‘m eerder heb genoemd in het voorjaar voortgezet via de weg van de inhoud. De Tweede Kamer steunde breed het pleidooi van Herman Tjeenk-Willink om de formatie niet te beginnen met de wie-met-wie-vraag maar met inhoud en de problemen die moeten worden aangepakt. Gebleken is mij dat die manier van werken alleen kan slagen als partijen ook daadwerkelijk bereid zijn deze inhoud op te stellen. En mij is ook gebleken dat het voor partijen maar beperkt mogelijk is om dat te doen. Politiek blijft een kwestie van inhoud en machtsvorming op basis van de verkiezingsuitslag. Die beide factoren zijn van belang en vragen om een gelijktijdige afweging. Een andere manier van werken zou volgens mij weinig hebben veranderd aan de uitkomst van deze fase. En ik vermoed eerlijk gezegd ook aan de lengte ervan. Want na de eerste commotie van voor de zomer en de ingenomen posities die daaruit voortkwamen bleef veel tijd nodig. Tijd om partijen überhaupt weer met elkaar in gesprek te krijgen. Het feit dat een meerderheidsvariant niet is gelukt vind ik zorgelijk. Hoe verklaarbaar alle redenen hiervoor ook zijn, opgeteld leidt het tot de situatie die het vertrouwen van de burger in de politiek niet zal vergroten. Het lijntje van het ontbreken van een meerderheidsvariant naar onderzoek over een minderheidsvariant is zeer broos. Het is de verantwoordelijkheid van alle betrokkenen om dit uiteindelijk toch te realiseren. De afgelopen periode en zeker de laatste week heeft een wissel getrokken op de relaties tussen de zes partijen. En het is belangrijk dat dat snel tot nieuwe werkbare verhoudingen zal komen. Uiteindelijk zullen de partijen het toch samen moeten doen. Het is nu zaak dat we de volgende fase in gaan en dat we snelheid kunnen maken bij het tot stand brengen van een nieuw kabinet. Want dat is uiteindelijk waar Nederland behoefte aan heeft. 

STEMERDING (NOS) 
Mevrouw Hamer, u zegt inhoud stond steeds voorop. Dat het nu nog steeds niet lukt om een kabinet te vormen, wat voor gevolgen heeft dat voor de problemen in het land? Wat zijn de belangrijkste dingen die nu blijven liggen?

HAMER
Ik denk dat er veel dingen blijven liggen als ik dicht bij mijn eigen huis blijf om het zo te zeggen. Dan schreeuwt de arbeidsmarkt om een aanpak van problemen die te maken hebben met vaste en flexibele contracten. Er moet snel werk gemaakt worden van werk naar werk omdat er in de ene sector mensen tekort zijn en in andere sectoren de komende tijd als de coronagevolgen zijn neergedaald teveel zullen hebben. Nou het klimaat hoef ik u niet te noemen, de woningmarkt, jongeren schreeuwen om woningen die ze niet kunnen vinden. Er is geen doorstroom. Er zijn tal van problemen die opgelost moeten worden.

STEMERDING
In de wandelgangen hoor je toch ook wel eens: ja een demissionair kabinet kan ook alles doen wat echt nodig is.

HAMER
Ja mijn observatie daarvan, maar u moet dat natuurlijk uiteindelijk aan de spelers van dat kabinet vragen, maar mijn observatie daarvan is dat het wel eindig is. Dus ik denk dat het goed is dat we nu na Prinsjesdag maatregelen gaan zien. Maar er zit een eindigheid aan wat een minderheids-... of een demissionair, sorry, kabinet kan doen.

STEMERDING
U zegt: vooral de laatste week heeft een wissel getrokken op de verhoudingen. Waarom vooral die laatste week?

HAMER
Nou omdat er natuurlijk, ja hoop doet leven, tussen de beide varianten. Ik heb de twee nadrukkelijk genoemd: bij de partijen die daarbij betrokken zijn nog steeds stiekem de hoop is: als het die niet wordt kom ik misschien wel in aanmerking of als die niet wordt dan wij toch. Ja en die hoop is natuurlijk van de week vervlogen gegaan.

STEMERDING
Ja de voortrekkers in het hele verhaal zijn toch uiteindelijk steeds VVD en D66. In hoeverre zijn hun verhoudingen nog werkbaar?

HAMER
Nou ik heb geconstateerd dat wij in de zomer in de beslotenheid van de zomer zeg ik maar even ook met veel andere middelen dan de fysieke ontmoetingen, een buitengewoon inspirerend gesprek heeft plaatsgevonden. En waar partijen ook nu een document vandaag hebben laten zien. En ik zei voor de zomer: een beetje vrolijkheid. Nou in de zomer was er vrolijkheid. Maar ik moet ook constateren dat die vrolijkheid na de zomer weer snel verdwenen was.

STEMERDING
Ja en hoe krijg je die dan weer terug?

HAMER
Ja ik denk uiteindelijk toch door met elkaar een kabinet te gaan vormen.

STEMERDING
Ja dat is een opdracht. Tot slot zegt u: ik ben iets opgeschoten, we zijn terug bij af of nog verder van huis?

HAMER
Dat is heel erg moeilijk om te zeggen. En ik zal u zeggen ook waarom: kijk een formatie is een geheel van fases. Deze fase heeft heel lang geduurd. Natuurlijk hoop ik ongelofelijk hard dat de volgende fase opeens de snelheid geeft, misschien wel door wat er nu gebeurd is, en waardoor er toch een kabinet komt. Dus ik vind dat heel lastig om daar nu een uitspraak over te doen.

DE WINTHER (DE TELEGRAAF)
Mevrouw Hamer ik wilde graag even met u inzoomen op het mislukken van een mogelijke samenwerking tussen de rechtse partijen enerzijds en de linkse alliantie aan de andere kant. Er was afgelopen weekend natuurlijk twee ledenraden waar mensen daar enthousiast waren over het vormen van een formatieteam. Maar we werd ook gezegd: daarna zien we wel weer verder hoe we die samenwerking gaan invullen. Is er nou aan die onderhandelingstafel voorafgaand aan die ledenraden of bij de bekendmaking, zoals u zei: VVD en D66 waren hoopvol toen PvdA en GroenLinks zeiden dat ze die samenwerking wilden verinnigen zullen we maar zeggen. Is daar een verwachtingspatroon vooraf van de rechtse partijen op tafel gelegd wat zij verwachten van links, wat er moest gebeuren. Of is er door links in die fase gezegd wat ze ongeveer van plan waren?

HAMER
Het gesprek is gestart eigenlijk al voor de zomer. Kijk het hele gesprek is natuurlijk begonnen omdat CDA en VVD vanaf het begin af aan hebben gezegd: we willen niet met jullie samen en apart zijn jullie meer dan welkom. En de ene keer hoorde de ene dat die de meest welkome was en de andere de andere. Ik geloof dat dat in de tijd ook wel een beetje variabel is geweest. En vervolgens hebben we gezien, dat heeft u ook kunnen zien, dat die twee partijen steeds hebben gezegd: we komen samen en we gaan ook echt samenwerken. En als u het een beetje volgt in de Kamer heeft u ook kunnen zien dat ze steeds meer het woord voor elkaar zijn gaan voeren, de woordvoerderschappen gedeeld werden, et cetera. En daar hebben zij eigenlijk in toenemende mate over verteld. Daar hebben ze zeker na de zomer ons over verteld, gewoon aan tafel, daar praat je ook over natuurlijk met elkaar. Hoe zit het nu bij jullie? Is daar wat aan het gebeuren? En daar is een zeker enthousiasme ontstaan over hoe ver dat zou kunnen gaan. Maar ik denk dat beide kanten steeds hebben aangegeven: de ene kant van wat hebben wij dan nodig en de andere kant ook eerlijk: ja wij kunnen wel stappen zetten. Maar de stappen zoals jullie die willen zetten die gaan zo snel. Nou je weet zelf misschien wel hoe lang het duurt tot je een fusie van partijen hebt. Dus ik denk dat de verwachtingen wel helder waren van twee kanten.

DE WINTHER
Ja maar ik wil het eigenlijk toch iets preciezer weten. Is er door VVD en/of CDA aan die tafel gezegd: wij willen dat jullie een partij worden? Wij willen bijvoorbeeld dat jullie aankondigen dat jullie gaan fuseren? Of is dat allemaal een beetje in het vage gebleben?

HAMER
Nou dat klinkt te veel als: ik stel de randvoorwaarden aan jou dat je dit moet doen. Het is een gesprek geweest over mogelijkheden waarbij is afgetast: stel wij doen nu dit, hoe zouden jullie dat vinden? En de andere kant: stel jullie dan dat, is dat haalbaar? Dat is afgetast, maar dat gesprek is ook weer gestopt.

DE WINTHER
Maar is daarbij bijvoorbeeld ook gezegd: als wij als een formatieteam aan tafel komen, dan gaan wij het met onze ledenraden bespreken, dat is wat wij te bieden hebben?

HAMER
Nee ik zou dat in die concreetheid niet durven zeggen. Want het is een eigen verantwoordelijkheid natuurlijk van partijen wat zij met hun ledenraden bespreken. Dus dat is bij mij aan tafel niet over de ledenraden gegaan.

DE WINTHER
Maar had u als procesbegeleider dan niet ook wat dat betreft meer de regie moeten nemen om te zeggen: voordat jullie gaan praten over wat jullie van plan zijn, laten we ook horen wat zij van jullie verwachten en vice versa.

HAMER
Natuurlijk hebben we dat besproken. Dat geef ik net aan. Alleen u doet het voorkomen alsof de een de ander heeft gezegd wat hij moet doen of dat de andere partijen iets hebben beloofd. En in die termen is het niet gegaan.

BREMER (RTL NIEUWS)
Ja ik wil heel even terug naar het beeld dat u net schetste over: er was een vrij vrolijke zomer, daar werd aan dat stuk geschreven. En toen kwamen ze terug. Was er een moment dat opeens die verhoudingen verslechterden?

HAMER
Nee ik moet zeggen: de eerste gesprekken, dat kunt u ook zien in het verslag over de bouwstenen, de samenvatting van het document, die waren eigenlijk heel positief. Waarbij natuurlijk de ChristenUnie meteen heeft gezegd: ik zie hier wel een liberaal stuk door de bouwstenen heen. En CDA heeft gezegd: ik zie aanknopingspunten, maar we houden het volledige recht voor om straks in welke fase dan ook met mijn eigen punten te komen. En PvdA en GroenLinks waren redelijk enthousiast. Dus dat was best wel nog vrolijk. Maar daarna is het natuurlijk toch weer gegaan: komen we nou verder? Gaat dit nou leiden, en dat is natuurlijk het curieuze in deze formatie. Normaal in het verleden hielden partijen ook niet van elkaar en toch gingen ze op een gegeven moment aan tafel zitten om door te praten. En tot die fase is het alsmaar niet gekomen. En als je voelt dat je niet verder komt dan wordt het niet leuker natuurlijk. 

BREMER
Ja en die partijen zelf beginnen heel vaak met de zin: maar ik heb vanaf het begin af aan gezegd dat... Had u niet eerder kunnen zien aankomen dat het niet zou gaan werken in de samenstelling met deze zes?

HAMER
In de samenstelling met?

BREMER
In een samenstelling van deze zes partijen?

HAMER
Nou dat heb ik natuurlijk voor de zomer aangegeven en ik hoop dat u dat zich nog herinneren. Ze zijn een keer op een vrijdagmiddag bij mij geweest waarna ik heb gezegd: nou ja gaan jullie echt het weekend eens even goed met elkaar praten over hoe je nou zelf denkt dat dit verder moet. Want in mijn woorden: het was toch wel een beetje een zooitje aan het worden. En toen is er een voorstel gekomen, uiteindelijk door die zes partijen gedragen, maar op initiatief van VVD en D66, die toen hebben gezegd: wij gaan een stuk schrijven, daar gaan we de zomermaand aan besteden, hebben ze ook gedaan. Dus dat hele beeld van vakantie kan ik hier echt wegnemen. En daarna gaan we proberen de partijen daarop te binden.

BREMER
Met welk gevoel staat u hier?

HAMER
Ja ik ben heel bezorgd. Ja, ik ben heel bezorgd. En ik zal u zeggen waarom. Want we doen nu, en dat kan ook niet anders als je geen meerderheidsvariant krijgt, dan moet je gaan kijken naar een minderheidsvariant. Maar als u ook ziet dat ik aan moet geven dat dat moet bestaan uit een nadere combinatie van drie partijen, dan kan ik hier niet vandaag zeggen: nou doe het morgen maar, het is klaar. En het is een dun lijntje. Het is een heel dun lijntje naar dat we uiteindelijk, ik heb dat nul onder de streep genoemd, dat we niks hebben en daar ben ik heel bezorgd over. Dus dat is mijn overheersende gevoel: bezorgdheid.

VRAAG (DE VOLKSKRANT)
Mevrouw Hamer, mag ik met u toch nog even terug naar die zomer? In het eindverslag schrijft u dat u eigenlijk wel positief bent dat er een meerderheidskabinet zou komen. Waar was dat moment dan, die positiviteit, waar rustte dat op?

HAMER
Nou omdat ik natuurlijk de contouren van dat stuk zag. Kijk en je kan op twee manieren naar zo’n stuk kijken. Je kan zeggen: ja goh, ik denk dat iedereen tekent bij het kruisje en geweldig. Maar zo ben ik in mijn lange geschiedenis nooit aan een formatie begonnen. Je weet van tevoren dat er strijdpunten zijn en dat hoort ook bij een onderhandeling. Dus ik kijk er anders naar. Ik kijk ernaar: zijn er onoverkoombare, onoverbrugbare verschillen waardoor je het gesprek met elkaar zou kunnen beginnen? En zo heb ik het niet gezien. Zo is het volgens mij ook niet geschreven. Deze twee partijen hebben hun visie op tafel gelegd. Maar ook met de openheid: nou laten we er dan met elkaar over spreken. En ik heb de hoop gehad dat dat uiteindelijk zou gaan gebeuren in de ene of dan wel de andere variant. Ik heb het steeds, in de pers ligt veel nadruk en dat is ook logisch, want het zijn twee partijen daar zit een samenwerkingsconstructie achter, veel aandacht. Maar er waren steeds twee varianten die op tafel lagen.

VRAAG
En waar ging dat dan mis? Want u had eigenlijk die vrolijkheid tussen VVD en D66 die was er, dat was een belangrijke voorwaarde volgens u. Waar gaat dat dan mis? Ligt dat dan aan het CDA?

HAMER
Nee er is niet een partij, het is eigenlijk een combinatie van blokkades, randvoorwaarden. Dus de twee partijen PvdA en GroenLinks zeiden: we komen niet als een partij. Dus het bleven twee partijen. D66 is blijven zeggen dat zij niet met de huidige coalitie door wilden gaan, met name vanwege de ChristenUnie maar er spelen natuurlijk ook meer elementen mee: vernieuwing, progressief. En CDA en VVD zijn blijven zeggen: maar met twee partijen, een vijfpartijenkabinet, moet je ook goed over nadenken natuurlijk wat een vijfpartijenkabinet betekent. Dat vierpartijenkabinet was natuurlijk ook niet makkelijk. Die hebben steeds dat gezegd en er is dus niet een weg gevonden om dat te opverbruggen. Om te zeggen: nou gaan we toch zitten met elkaar met die inhoud en we zien al die bezwaren maar misschien als we met elkaar gaan praten zien we een oplossing om deze bezwaren weg te nemen. Die wil is er uiteindelijk niet geweest.

VRAAG
Ja bij geen van de partijen?

HAMER
Bij geen van de partijen.

VRAAG
U had het over dat dit hele proces een wissel heeft getrokken op de relaties onderling. En nou moet er een minderheidsvariant komen. Kunt u misschien een kijkje geven in hoe u denkt... Want wat moet er nu bij PvdA en GroenLinks, maar ook bij ChristenUnie gebeuren willen zij over die teleurstelling heen stappen? Denkt u dat dat kan goedkomen?

HAMER
Ja nu gaat u iets moeilijks doen. Want eigenlijk moet ik dan iets gaan zeggen over het werk van mijn opvolger. 

VRAAG
Ja maar u bent er zelf over begonnen dat de relaties onderling niet goed zijn.

HAMER
Ja dat is waar, maar ik ga het ook wel proberen. Maar ik wil wel even deze premisse maken. Dus ik wil zeker niet een opvolger voor de voeten lopen door nu allerlei uitspraken te doen. Kijk als ik gedacht zou hebben dat er helemaal niets mogelijk is, dan had ik een heel ander advies moeten uitbrengen en dan had u hier die vlaggetjes en die foldertjes met zijn allen moeten pakken. Dat advies heb ik niet gegeven. Dus ik zie nog steeds mogelijkheden om tot een kabinet te komen. Ik heb wel aangegeven, en dat zei ik net in antwoord op eerdere vragen, ik ben buitengewoon bezorgd. Ik heb ook een aantal observaties aan het einde meegegeven waarbij ik zeg: het lijntje is heel broos, dus wees voorzichtig met elkaar.

VRAAG (ANP)
U zegt dat u uw opvolger niet met allerlei adviesen wil opzadelen. Maar u schrijft ook dat er snel nieuwe werkbare relaties moeten komen tussen partijen. En dat daarbij een extra taak op de schouders van de grootste partij ligt. Wat moet of kan de VVD, of Mark Rutte dan, doen om nou ja iets aan deze huidige situatie te verbeteren?

HAMER
Ja mijn observaties zijn overigens niet een advies aan de opvolger. Dat heeft hij of zij als die komt ook vast niet nodig. Mijn observaties zijn vooral gericht voor een aantal op de langere termijn. Dus ik zeg ook iets over wat betekent nou formeren vanuit de Tweede Kamer en vanuit de inhoud. En wat dat punt van die relaties: ja ik denk uiteindelijk kan je wel boos op elkaar blijven, maar daar kom je natuurlijk niet naar een oplossing voor al die mooie dingen die mij in de eerste vraag werden gesteld en die heel hard nodig zijn. Dus je moet toch weer, wat ik aangeef, naar werkbare relaties komen. En de parlementaire geschiedenis leert dat de grootste partij, dus dat is ook niet om iemand een extra huiswerkje te geven of zo, maar dat hoort bij de rol van de grootste partij.

VRAAG
Ja maar hoe die dat concreet kan bewerkstelligen, heeft u daar ideeën over?

HAMER
Ja nou ja het risico is dat ik zeg: alles begint met praten. Maar dan zegt u weer: daar heb je zo’n polderaar. Dus ik denk dat hij zijn eigen oplossing daarvoor moet vinden.

VRAAG
U adviseert om dan nu een minderheidskabinet te verkennen uit de combinatie van VVD, CDA en D66. In uw verslag zegt u dat VVD een voorkeur uitspreekt voor die drie verkennen. CDA ook. Bij D66 staat dat niet zo stellig, dat die zich uitspreken voor een combinatie van die drie.

HAMER
Nee u heeft mijn aanbevelingen gezien om te zoeken naar een combinatie uit die drie. En welke combinatie dat moet worden, dat is echt aan de volgende fase. Aan de drie partijen die daarover gaan. En onder de begeleiding van een nieuwe informateur. Ik ga daar nu niet op vooruit lopen.

VRAAG
Nee dat snap ik, maar VVD en CDA hebben een voorkeur uitgesproken, die staat in uw verslag. Heeft D66 ook zo’n voorkeur?

HAMER
Als er niets in het verslag staat hebben ze daar ook niets over gezegd.

VRAAG
Ja want je hoort nu ook al dat D66 er minder voor voelt om dan met VVD en CDA als twee tegen een in een nieuwe coalitie te komen. Dreigt niet weer dezelfde patstelling?

HAMER
Het is heel verleidelijk om in te gaan op alles wat tegen u gezegd wordt. En dat is ook heel belangrijk. En soms denk ik ook wel eens: misschien weet u allemaal beter hoe het zit dan de informateur, maar ik kan daar echt niks over zeggen.

VRAAG (NIEUWSUUR)
U bent streng voor de formerende partijen, of eigenlijk de niet-formerende partijen. Maar  bent u ook streng voor uzelf?

HAMER
Ja natuurlijk. Je bent als procesbegeleider kijk je eigenlijk voortdurend naar: wat kan ik doen om het proces beter te laten gaan? Nou moeten we wel oppassen dat we niet een soort wedstrijdje gaan doen van wie is de beste informateur en wie doet het het snelst en welke aanpak? Ik heb gekozen voor de aanpak die de Kamer mij gevraagd heeft. Dus als u het mij permitteert: er is veel gedoe geweest over dat ik een keer de Efteling heb ontvangen, ik kan het toch niet laten. Maar het was gewoon mijn opdracht om te kijken naar: ga in gesprek met de sectoren et cetera. Dus dat is vaak wat de Kamer vraagt heb ik proberen te doen. En daar kan ik achteraf, en daar geef ik ook bespiegelingen over, vragen: is dat nou de juiste methode geweest? Nou daar moeten we het denk ik met elkaar over hebben. Vandaar dat een aanbeveling van mij ook is: ga nou eens met die informateurs van de laatste kabinetsperiode toch eens ophalen: wat werkt nou en wat werkt niet?

VRAAG
Ja ik wilde inderdaad ook al beginnen over die Eftelingdirecteur want is er nou niet tijd verspild met de constatering: ze willen eigenlijk niet meer dan dit? Dat had u toch ook eerder kunnen zien?

HAMER
Ja daarom geef ik u aan: dat heb ik voor de zomer gezegd: dit gaat zo niet, wat willen jullie? Nou uiteindelijk is deze keuze gemaakt om met elkaar dat document te schrijven. En vervolgens hebben we in twee weken hem uiteindelijk afgetikt. Dat is nou ook weer niet zo heel lang. Maar goed, ja kijk je zal moeten kijken naar de geschiedenis wat het effect is van deze totale formatie. Ik ben ook begonnen met een situatie waarin niemand meer met elkaar wilde praten. Waarin ik partijen in clusters moest zetten om ze überhaupt te dwingen met elkaar te gaan zitten. Daar kwamen we vandaan.

VRAAG
Ja dus u bent wel iets opgeschoten zegt u?

HAMER
Nou dat vind ik moeilijk. Dat kan je pas zeggen helemaal aan het eind. Dus je kan pas zeggen als je het totaal van de fase waarin eigenlijk Herman Tjeenk Willink, want die is begonnen bij de puinhoop om het zo maar te zeggen en hopelijk de informateur die het kabinet in elkaar zet wat het totaal van het effect is geweest. Alleen ik spreek mijn bezorgdheid uit over twee dingen: ten eerste de Nederlandse kiezer heeft inmiddels een poos geleden naar de stembus gegaan. Het vertrouwen wordt er niet groter op. Dus daar maak ik me bezorgd over. De andere kant is wat ik zie gebeuren tussen partijen en wat ik ook tijdens dit proces heb zien gebeuren is een heel broos lijntje wat kan breken. En ik ben ook geconfronteerd met allemaal broze lijntjes uit het verleden. En ik denk dat het niet heel wenselijk is dat daar er nog heel veel van bijkomen.

VRAAG
Maar heeft u niet te lang gedacht: als we nou maar tijd rekken en over die inhoud spreken, dan komt het vanzelf wel goed?

HAMER
Nee ik heb geen moment gedacht dat het vanzelf goed kwam.

VRAAG
Want u bent daar bezorgd over zegt u dat als we opties wegstrepen dat er dan nul onder de streep is. Betekent dat nieuwe verkiezingen?

HAMER
Als je geen opties meer hebt dan is het spel over. En dat is niet aan een informateur, laten we even goed kijken: wat doet een informateur? Dat is een procesbegeleider. Ik heb in de Kamer op de vraag daarvan gezegd: uiteindelijk is het aan de Kamer om zo’n conclusie te trekken. Maar ik geef u aan: het is heel broos.

VRAAG
Nog een laatste vraag als het mag: u adviseert uit die combinatie van die drie partijen, maar je zou kunnen zeggen: bij een minderheidskabinet kun je weer wat vrijer denken en dan kun je er misschien een Volt bij bedenken of weer andere partijen erbij?

HAMER
Ja kijkt u goed naar het verslag van 22 juni. En natuurlijk, dan is er dat gezegd. Dat is natuurlijk ook de afgelopen weken weer eens even gevraagd: zijn daar nog veranderingen? Ik heb ook aangegeven: ik heb iedereen weer apart gevraagd. Ja sommige partijen zien daar een oplossing in en anderen helemaal niet. Dus voor nu is het geen optie.

VRAAG (TROUW)
Ja ik had ook een vraag over: is er enig moment geweest afgelopen weken dat u de kring van zes partijen of die partijen wat groter te maken ook om naar die bouwstenen te kijken van VVD en D66. Is dat overwogen?

HAMER
Nou nee dat heb ik niet meer overwogen. Maar dat is eigenlijk hetzelfde antwoord op de vraag van net: dat daar ook binnen de partijen geen behoefte aan was. En ja om iets te gaan doen, dan had het verwijt van tijdrekken nog groter geweest, nee.

VRAAG (AD)
De partijen hadden het na de verkiezingen allemaal over de urgentie, dat er snel een nieuw kabinet moest komen, de grote problemen moesten aangepakt worden. Heeft u daar eigenlijk binnenskamers nog iets van gemerkt, van die urgentie?

HAMER
Jazeker. Ja dus ik denk dat is de discrepantie. Iedereen wil best wel snel en iedereen, ik kan u best verzekeren, het is helemaal  niet leuk om in zo’n rondje met elkaar te blijven praten. Dus ik denk dat iedereen een oplossing wil. 

VRAAG
En nu werd er naar buiten toe altijd gesproken over de inhoud en langs de lijnen van de inhoud tot in den treure. Maar u zegt eigenlijk: ja, maar dat voerde binnen dus niet de boventoon?

HAMER
Nou wat ik zeg is dat er een voortdurende spanning is van de wens om het via de inhoud te doen en eigenlijk volgens de routekaart die Herman Tjeenk Willink die ik ook nog een keer heb teruggehaald. Dat is een wens om het zo te doen. Maar de dagelijkse praktijk is dat het toch echt ook over andere dingen gaat.

VRAAG
En de niet-inhoudelijke overwegingen waar u het over heeft, u blijft daar een beetje vaag over. Kunt u daar iets meer over zeggen en bij welke partijen speelde dat het meest?

HAMER
Nou ik heb u in het verslag als u dat leest geef ik een heel aantal redenen. Dat gaat over hoe kijk ik tegen de stabiliteit van de varianten aan. Dus dat heeft met bestuurlijke aspecten te maken. Maar het heeft ook met aspecten te maken van: ja zit ik straks als enige tussen allemaal linkse partijen of zit ik als enige tussen allemaal rechts-conservatieve partijen? Het speelt in zekere zin bij alle partijen. Het speelt eigenlijk het minste bij de PvdA en GroenLinks. Maar die hebben weer een andere keuze gemaakt: namelijk dat ze alleen maar met zijn tweeën willen komen.

VRAAG
U heeft het ook over het broze lijntje. Heeft u iets gedaan of kunnen doen om dat lijntje sterker te maken?

HAMER
Dat heb ik natuurlijk voortdurend geprobeerd. Dus ik heb steeds gekeken: is er ergens ruimte voor deze varianten of toch nog een andere variant? En ik heb helaas moeten concluderen uit dat het niet zo is. En heb uiteindelijk afgewogen van de week: dan moeten we maar eerlijk tegen elkaar zeggen: over en uit. En dat doet natuurlijk, dat merkt u bij de partijen ook, dat doet pijn bij verschillende partijen ja dat kan niet anders.

VRAAG
Nu zegt u ook: u heeft het ook een beetje over dat er gekeken werd naar wat andere partijen over elkaar zeiden in de media. En dan zegt u: in het kader van de nieuwe bestuurscultuur zou het misschien beter zijn om juist open naar buiten te treden.

HAMER
Ja dat is eigenlijk een bespiegeling, ik zou bijna zeggen: denkt u met mij mee. Kijk we willen allemaal heel graag, dat heeft de Kamer ook gezegd, een open cultuur. Een cultuur waarin je kunt zien wat er gebeurt. En dat zit op hele gespannen voet met een formatie die zo dicht zit. Dus als het dan al helemaal goed gaat dan is het geen probleem. Maar er zit een spanning in. En ik ben er zelf nog echt niet uit hoe je dat zou kunnen oplossen. Maar ik vind wel dat we er iets aan moeten doen, want het beeld van dichte deuren is voor helemaal niemand goed.

ORNSTEIN (VRIJ NEDERLAND)
(Onverstaanbaar, red.) Dat zou een uniek experiment in de Nederlandse parlementaire politieke geschiedenis zijn. Is de variant die eigenlijk veel meer voor de hand ligt een buitenparlementair kabinet of een zakenkabinet, daar hebben we er al enkele van gehad. Die staan verder af van de politiek, van politici die de hele dag ruzie met elkaar maken. Is die variant ook nog ter sprake geweest en ziet u daar wat in?

HAMER
Ja die is ter sprake geweest en de partijen kiezen er nadrukkelijk voor om een minderheidsvariant te verkiezen boven andere alternatieven.

ORNSTEIN
Waarom?

HAMER
Ja dat moet u aan hun vragen.

VRAAG (NRC)
Mevrouw Hamer, u schreef nog in de conclusies ook dat de inhoudelijke verschillen niet groot leken eigenlijk wel tussen die zes partijen. Maar dat ze juist daarom misschien wel andere manieren zochten om zich tegen elkaar af te zetten. Kunt u dat nog eens toelichten?

HAMER
Ja dat is een interessante vraag, want eigenlijk werp ik de vraag ook op. Dus dat vraag ik mijzelf ook af. Als je steeds dichter bij elkaar komt, moet je je toch onderscheiden. En misschien komt het wel doordat op het ogenblik de vraagstukken ook heel helder zijn. We moeten iets op die arbeidsmarkt, we moeten iets met klimaat. En die oplossingen daarvoor liggen ook vrij voor de hand. En misschien maakt dat wel de drang als het ware om je toch te laten zien wie je van oorsprong bent nog groter. En of dat weerhoudt om zeg maar dan de sprong te durven maken. Dat fascineert mijzelf. Waarom durf je nou niet met elkaar iets te proberen? En dan loopt het mis. Zo gingen formaties altijd. Waarom lukt het nou niet om die sprong te maken? En dit is een van de vragen die ik mij daarbij stel.

VRAAG
En heeft u daar nog verklaringen voor kunnen vinden? Angst voor beeldvorming of voor de volgende verkiezingen?

HAMER
Nou als ik een vraag stel ben ik daar zelf ook nog over... ik nodig eigenlijk ook iedereen uit om daarin mee te denken.

VRAAG
Misschien nog kort: het document dat VVD en D66 hebben opgesteld, blijft dat wat u betreft op tafel liggen als bruikbaar voor een vervolgfase voor een minderheidskabinet?

HAMER
Nou het document is geschreven om het gesprek op gang te krijgen en om in ieder geval consensus tussen deze twee partijen op een aantal onderwerpen te krijgen. Ik denk echt dat er in de nieuwe fase een nieuwe afweging gemaakt moet worden hoe je met dat document wilt omgaan.

VRAAG (BNR)
Mevrouw Hamer, ziet u iets van schaamte of zelfreflectie bij deze partijen? Want je hoort in Nederland toch veel boosheid dat ze hun verantwoordelijkheid niet nemen.

HAMER
Ja ik denk niet dat een van de partijen zich op dit moment echt heel prettig voelt. 

VRAAG
Nog even over de rol van de media. U had het over beeldvorming. Welke rol speelt dat volgens u?

HAMER
Nou wat je merkt, maar ik wil dat wel.. want anders wordt dat te groot, dus ik heb een heel complex aan factoren genoemd. Ook bestuurlijke argumenten, dus er zijn bijvoorbeeld bij CDA en VVD ook echt bestuurlijke argumenten van: ga je dat redden met vijf partijen waarbij een gewoon anders kan stemmen dan de rest. Dus het is een complex aan factoren. Maar beeldvorming: wat denkt mijn kiezer over mij als ik in zo’n coalitie ga zitten, dat bedoel ik met beeldvorming, ja die speelt een rol. En dat is natuurlijk ook logisch doordat sociale media, de beeldvorming is ook dichterbij, dus ook logischer dat die een rol speelt. Dat is ook precies de reden dat ik denk: we moeten erover nadenken wat een open bestuurscultuur en ook een open houding naar de media, hoe we dat kunnen realiseren zonder dat je ook nog in vertrouwdheid kunt onderhandelen met elkaar en risico’s durft nemen.

VRAAG
Is de beeldvorming niet juist: schiet op, ga alsjeblieft snel ons probleem oplossen? Is dat niet het beeld dat  het land...

HAMER
Ja dat is zeker ook een beeld. Ja. 

VRAAG
Maar dat dringt niet echt door dus blijkbaar?

HAMER
Ja ik denk dat het wel doordringt, maar het lukt niet om de stap te zetten. En er is ook niemand die natuurlijk daar de doorzettingsmacht voor heeft. Een informateur is een procesbegeleider, de Kamervoorzitter begeleidt in zekere zin ook het proces, er is niemand die kan zeggen: je moet nu dit doen. Dat moeten ze toch echt samen doen.

VRAAG (NU.NL)
Mevrouw Hamer, hebt u het idee eigenlijk dat na de vertrouwenscrisis rond VVD-leider de heer Rutte, na april, dat dat chagrijn eigenlijk nooit helemaal is weggeëbd? Kunt u daar terugkijkend nu iets over zeggen wellicht?

HAMER
Kijk dat chagrijn is toen al ergens over ontstaan. Dus er zijn niet momenten dat je kan zeggen: toen is er iets gebeurd en daarvoor was er niks en daarna komt er ook niks. Dus er is chagrijn, dat hoef ik u niet te vertellen. Ik neem aan dat ze dat ook aan u vertellen. En die ontploffing heeft veel effect gehad. En hij is in die zin nog niet uitontploft. 

VRAAG
Dus eigenlijk ettert dat nog steeds na?

HAMER
Ja maar niet dat als enige. Dus er is niet een ding, en er is ook niet een partij, dat wil ik hier nadrukkelijk gezegd hebben, die deze situatie kan oplossen.

VRAAG
Laat ik het dan misschien anders vragen: heeft het er denkt u toe geleid dat partijen niet bereid waren om over hun eigen schaduw heen te springen? Wat toen in 2012, ook net na een crisis, de toverspreuk was?

HAMER
Ja we hebben het er natuurlijk de hele tijd over gehad. Daarom is er ook zo lang doorgepraat en daarom is er ook zo lang de hoop geweest dat er toch ergens een doorbraak kwam. En ik hoop, ik blijf dat hopen, want dat is de grote bezorgdheid die ik heb, dat dat uiteindelijk toch gaat gebeuren.

VRAAG
Tot slot: is er nog steeds een gebrek aan vertrouwen tussen de zes partijen die nu meepraten?

HAMER
Ja dat moet u echt aan hen vragen.

VRAAG
Ja maar u heeft daar vaak bij gezeten. Ik probeer ook een beetje een totaalbeeld te krijgen van iemand die daar objectief aan tafel gezeten heeft. Misschien dat u daar toch iets meer over kunt zeggen.

HAMER
Ja maar ik vind dat ik daar ook voorzichtig mee moet zijn. Want als ik nu hier ga zeggen: er is gebrek aan vertrouwen, dan gaan ze ook weer naar elkaar kijken: o heb je geen vertrouwen in mij. Dus dat vind ik echt heel ingewikkeld om daar...

VRAAG
Denkt u dat ze elkaar wel vertrouwen?

HAMER
Ik denk dat ze elkaar weer kunnen gaan vertrouwen.

VRAAG (NEDERLANDS DAGBLAD)
U oppert een minderheidskabinet van VVD, D66 en CDA. Maar u merkt tegelijk ook op dat zoiets er niet binnen een paar dagen...

HAMER
Sorry, ik corrigeer u even: wat ik adviseer is om te onderzoeken naar een combinatie waar die drie partijen bij betrokken zijn. Ik heb niet gezegd: zet nou maar die drie partijen bij elkaar. Dat is echt de volgende onderzoeksopdracht.

VRAAG
Nee maar u geeft uw opvolger mee: het is misschien logisch om te gaan kijken naar een minderheidskabinet en dan zijn dit de meest voor de hand liggende partijen om zo’n minderheidskabinet te vormen.

HAMER
Nee u interpreteert mij echt verkeerd dus ik wil het heel zorgvuldig zeggen: er is geen meerderheidskabinet mogelijk. Daar ben ik vrij hard in. Op dit moment. Dus op dit moment constateer ik dat er geen meerderheidsvariant mogelijk is. Dan is het dus logisch dat je naar een minderheidsvariant gaat kijken. En dan zeg ik: het ligt voor de hand dat je kijkt naar een combinatie uit deze drie partijen. Heel zorgvuldig.

VRAAG
Dus dat zou ook VVD en D66 samen...

HAMER
Kunnen er twee zijn, ja theoretisch kan een iemand het in zijn eentje proberen. Ik denk niet dat dat gebeurt overigens hoor, maar...

VRAAG
Oké maar u geeft in die zin ook niet uw opvolger ook inhoudelijk... U laat zich daar in ieder geval niet over uit...

HAMER
Nee anders zou ik mijn opvolger voor de voeten lopen, dat ga ik niet doen.